Oefenen Cito

Tafels oefenen

De tafels van vermenigvuldiging zijn de basis van bijna al het rekenwerk op de basisschool. Hier vind je een vaste volgorde om ze te leren, een handige truc bij elke tafel van 1 tot 10 en gratis oefenbladen om ze te trainen. Zonder account: je voortgang blijft in je eigen browser.

In welke volgorde leer je de tafels?

Begin niet bij 1 en eindig niet bij 10: leer eerst de tafels die elkaar helpen. Zo kom je steeds een stapje verder zonder alles los te hoeven stampen.

  1. 10, 5 en 2. Nul erachter, de helft ervan en verdubbelen. Dit zijn de makkelijkste.
  2. 1 en 3. De tafel van 3 is 2 keer het getal plus 1 keer het getal.
  3. 4 en 8. Telkens verdubbelen: 4 is dubbel dubbel, 8 is dubbel dubbel dubbel.
  4. 9 en 6. 9 is 10 min 1 keer het getal; 6 is 5 plus 1 keer het getal.
  5. 7. De laatste, want de meeste sommen heb je dan al geleerd bij een andere tafel (7 × 3, 7 × 4, 7 × 8…).

Een som als 6 × 7 is hetzelfde als 7 × 6. Wie dat weet, hoeft bijna de helft minder te leren.

Gratis oefenen met vermenigvuldigen en delen

Deze oefenbladen zijn per groep samengesteld. Ze oefenen vermenigvuldigen en delen in rekenverhaaltjes en bij grotere getallen; ze zijn niet per tafel opgesplitst. Elke ronde bestaat uit 10 vragen en je krijgt direct uitleg bij het antwoord.

Liever een heel rekenonderdeel? Kies je groep:groep 4,groep 5 ofgroep 6.

Een truc bij elke tafel

  • Tafel van 1

    De makkelijkste: elk getal blijft hetzelfde. 1 × 7 = 7.

  • Tafel van 2

    Verdubbelen. Weet je dat 6 + 6 = 12? Dan weet je ook 2 × 6 = 12.

  • Tafel van 3

    Verdubbel en tel er één keer het getal bij op: 3 × 4 is 2 × 4 = 8, plus 4 = 12.

  • Tafel van 4

    Dubbel dubbel. 4 × 6 is 6 verdubbeld (12) en nog een keer verdubbeld (24).

  • Tafel van 5

    De helft van de tafel van 10. 5 × 8 is de helft van 80, dus 40. Het antwoord eindigt op 0 of 5.

  • Tafel van 6

    Neem de tafel van 5 en tel het getal er één keer bij op: 6 × 7 is 5 × 7 = 35, plus 7 = 42.

  • Tafel van 7

    Splits in 5 en 2: 7 × 8 is 5 × 8 = 40, plus 2 × 8 = 16, samen 56. Onthoud ook: 5, 6, 7, 8 → 56 = 7 × 8.

  • Tafel van 8

    Verdubbel drie keer. 8 × 6 is 6, 12, 24, 48.

  • Tafel van 9

    Neem de tafel van 10 en haal het getal eraf: 9 × 7 is 70 min 7 = 63. De cijfers van het antwoord tellen op tot 9.

  • Tafel van 10

    Zet een nul achter het getal. 10 × 6 = 60.

Veelgestelde vragen

In welke groep leer je de tafels?
Op de meeste scholen beginnen kinderen met de eerste tafels in groep 3 of 4 en kennen ze alle tafels van 1 tot 10 aan het eind van groep 5. Elke school kiest haar eigen methode, dus vraag de leerkracht welke tafels nu aan de beurt zijn.
Hoe vaak moet mijn kind oefenen?
Korter en vaker werkt beter dan één lange sessie. Vijf tot tien minuten per dag, een paar tafels per keer, is voor de meeste kinderen genoeg. Herhaal een tafel pas als de vorige vlot gaat.
Moet mijn kind de tafels uit het hoofd kennen?
Ja, uiteindelijk wel: wie 7 × 8 direct weet, houdt aandacht over voor breuken, procenten en verhaalsommen. Eerst begrijpen waarom 7 × 8 = 56 klopt (met een handige strategie), daarna automatiseren.

Oefenen Cito is een onafhankelijk oefensite en niet verbonden aan Cito. De tips hierboven zijn rekenstrategieën, geen officiële leerlijn.