📋 Elke oefentoets bestaat uit 10 meerkeuzevragen, willekeurig gekozen uit een database met tientallen vragen. Hierdoor kun je dezelfde test meerdere keren doen zonder exact dezelfde vragen te krijgen – perfect om te blijven oefenen
Resultaten
Top gedaan, leesexpert! 📚🌟
Je hebt laten zien dat je begrijpend lezen goed onder de knie hebt. Je inzet en doorzettingsvermogen werpen hun vruchten af. Klaar voor een nieuwe uitdaging?
- Signaalwoorden speuren – Let tijdens het lezen op woorden als ‘omdat’, ‘maar’ en ‘daarom’. Ze helpen je de structuur van de tekst te begrijpen.
- Samenvatten – Probeer na het lezen van elke alinea in één zin samen te vatten wat je hebt gelezen.
- Vragen stellen – Stel jezelf tijdens het lezen vragen zoals ‘Wat bedoelt de schrijver hiermee?’ of ‘Waarom gebeurt dit?’
Onthoud: «Lezen is de sleutel tot kennis.» Blijf zo doorgaan! 🚀
Geen zorgen, dappere lezer! 🌱
Begrijpend lezen kan soms lastig zijn, maar elke dag biedt een nieuwe kans om te groeien. Probeer deze tips:
- Voorspellen – Kijk naar de titel en afbeeldingen van de tekst en probeer te voorspellen waar het over gaat.
- Visualiseren – Maak in je hoofd een beeld van wat je leest. Dit helpt je de tekst beter te begrijpen.
- Woordenboek gebruiken – Kom je een moeilijk woord tegen? Zoek het op en schrijf het op in je eigen woordenboek.
Onthoud: «Elke expert was ooit een beginner.» Blijf oefenen, en je zult merken dat het steeds beter gaat! 💪📖
Quiz starten
#1. Apps en jongeren: «Groep 7-leerlingen gebruiken WhatsApp (89%), Instagram (74%), TikTok (83%) en Snapchat (37%).»
WAAR OF NIET WAAR: WhatsApp is de meest gebruikte app.
Vorige
Volgende
#2. Over kastelen lees je: «Middeleeuwse kastelen hadden muren van 2-4 meter dik, grachten van 3-6 meter diep en torens van 18-32 meter hoog.»
Klopt het dat sommige torens hoger waren dan 25 meter?
Vorige
Volgende
#3. Bij een plantengroei-experiment lees je: «We testten drie omstandigheden: plant A kreeg 6 uur zonlicht en groeide 12 cm, plant B kreeg 4 uur en groeide 8 cm, plant C kreeg 2 uur en groeide 3 cm.»
Klopt het dat meer zonlicht zorgt voor meer groei?
Vorige
Volgende
#4. Bij een natuurkunde-experiment lees je: «Voor de proef heb je nodig: 3 batterijen, 2 lampjes, 6 draden en 1 schakelaar.»
WAAR OF NIET WAAR: Je hebt in totaal 12 onderdelen nodig.
Vorige
Volgende
#5. Op school leer je: «De waterkringloop begint met verdamping door zonlicht, gevolgd door condensatie, wolkenvorming en tenslotte neerslag.»
Klopt het dat condensatie voor wolkenvorming komt?
Vorige
Volgende
#6. In een geschiedenisboek lees je: «Bij de watersnoodramp van 1953 vielen in totaal 1.836 slachtoffers. In Zeeland waren dat er 1.377, in Zuid-Holland 289.»
Klopt het dat in andere provincies ook slachtoffers vielen?
Vorige
Volgende
#7. In een artikel over slaap lees je: «Kinderen die voor 21:30 slapen halen gemiddeld een 7,8. Kinderen die na 23:00 slapen halen een 6,9.»
Klopt het dat vroeg slapen en goede cijfers samen lijken te gaan?
Vorige
Volgende
#8. Over een schoolproject lees je: «Emma’s onderzoek had drie delen: interviews (2 weken), enquêtes (1 week) en het schrijven van het rapport (3 weken).»
WAAR OF NIET WAAR: Het schrijven van het rapport duurde het langste.
Vorige
Volgende
#9. Over computers lees je: «De ENIAC werd gebouwd van 1943 tot 1948. Het was de eerste elektronische computer en woog 29 ton.»
Klopt het dat het bouwen van de ENIAC vijf jaar duurde?
Vorige
Volgende
#10. Over duurzame landbouw lees je: «Biologische boeren gebruiken 78% minder pesticiden. Als een gewone boer 45 liter per hectare gebruikt, gebruikt een biologische boer 9,9 liter.»
Klopt het dat biologische boeren meer dan 15 liter per hectare gebruiken?
Vorige
Voltooien


